Aapmensen in het voorgeslacht?

Onderzoek naar vermeende aapmensen werpt nieuw licht op de zaak.

Aapmensen, zijn lange tijd interessant geweest voor Science Fiction. In 1912 schreef Arthur Conan Doyle [1]  bijvoorbeeld het boek, The Lost World: een roman waarin vier avonturiers op zoek gaan naar dinosauriërs in de Amazone, en een hele stam aapmensen als zogenaamde missing links vinden.

In 2001-2002 heeft de BBC hierover een computer geanimeerde film uitgezonden. De verfilming, met een sterbezetting en computer gegenereerde dinosauriërs, werd wereldwijd op de televisie vertoond. In een overduidelijke poging om het Bijbels geloof belachelijk te maken, had de BBC een gekke pastoor, gespeeld door Peter Falk, aan het team avonturiers toegevoegd. De door Falk gespeelde pastoor probeert de ontdekkers te vermoorden in een poging hen te beletten, het nieuws van de aapmensen naar de wereld te brengen. Dit uit vrees dat dit nieuws het geloof in de Schepping zoals die in Genesis is beschreven onderuit zou halen.

Maar wat is nu de waarheid over de zogenaamde ‘aapmens’? [2]

Wetenschappelijke consequenties

Wetenschappelijk gezien suggereert het concept van de aapmens het volgende.

  1. Dat de evolutie(theorie) waar is met als gevolg een serie halfmenselijke wezens die zijn ontstaan uit oorspronkelijk niet-menselijk voorouders.
  2. Dat dit proces, wat uiteindelijk de mens produceerde, is gebaseerd op het sterven van de minst geschiktste wezen gedurende de ontwikkeling.
  3. Dat voor dit proces miljoenen jaren nodig zijn geweest.
  4. Dat de fossielen die als bewijs worden geclaimd voor deze wezens een betrouwbaar verslag hiervan vormen. Dat wil zeggen juist zijn geïnterpreteerd zowel anatomisch, qua leeftijd, en als de veronderstelde evolutionaire samenhang.

Wat zijn de feiten?

cartoon_copyright AiG

Er zijn veel verschillen tussen mensen en apen die uit de fossiele overblijfselen kunnen worden gezien. Ten eerste het feit dat mensen rechtop lopen, en daarvoor geschikte knieën, heupgewrichten, ruggengraat, tenen, etc. hebben. Tevens hebben mensen een duim die tegenover de vingers is geplaatst. Mensen maken en gebruiken ingewikkelde gereedschappen en vuur en houden zich bezig met allerlei vormen van creativiteit (zoals musiceren en schilderen). Ook heeft de mens een grotere hersencapaciteit dan apen, kleinere tanden, en kiezen geplaatst in een parabolische-, of V-vorm. Dit in tegenstelling tot apen die een U-vormige kaak hebben.

Andere cruciale verschillen zijn communicatie door middel van taal, het vermogen om te rekenen en verstandelijk te redeneren, en een vrije wil in plaats van instinct. Bewijs van al deze vermogens is doorgaans echter niet waarneembaar van fossiele fragmenten.

De geestelijk dimensie.

Christenen zullen daar aan toevoegen, dat de mens naar Gods beeld geschapen is.

  • ‘God is geest’ (Joh. 4:24), het gaat hier dus niet om de fysieke verschijningsvorm van de mens, maar om de geestelijke dimensie van de mens. [3] Dit betekent dat ze met God kunnen communiceren en dat hun gebeden worden beantwoord.
  • ‘God is licht’ (1 Joh. 1:5), mensen hebben dus een moreel geweten, een besef van goed en kwaad, en dus het vermogen tot zowel heiligheid als tot zonde.
  • ‘God is liefde’ (1 Joh. 4:8), we kunnen dus de liefde van God ervaren in o.a. vergeving van onze zonden. Wat ons geweten rust geeft en ons in staat stelt God lief te hebben en met hem om te gaan.

Door een juiste relatie met God, kunnen mensen ook worden vervuld met Zijn Heilige Geest. De vruchten hiervan zijn: liefde, vreugde, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid en zelfbeheersing (Gal. 5:22-23).

Dieren aanbidden God niet. We zien bij hen dan ook geen moreel bewustzijn of behoefte aan geestelijk gedrag. Geestelijke kwaliteiten kunnen we niet waarnemen in fossiele vondsten. Maar de spirituele dimensie van de mens omvat ook het geloof in leven na de dood. Dit zien we vaak in de vorm van religieuze begrafenisceremonies.

Vruchtbare grond voor misleiding en bedrog.

Evolutionisten die op zoek zijn naar bewijs voor ‘aapmensen’ zoeken vooral naar fossielen die anatomische uiterlijkheden vertonen die liggen tussen die van apen en die van mensen. Of ze zoeken naar fossielen die sommige, doch niet alle, van de bovenstaande lichamelijke kenmerken vertonen. Dit heeft gezorgd voor veel vervalsingen en misleiding.

De meest opmerkelijke vervalsing was de Piltdown Mens, welke werd ‘ontdekt’ in Engeland tussen 1908 en 1912. Het ging hier om een menselijk schedeldak en de onderkaak van een orang-oetan. De tanden hiervan waren gekleurd en bewerkt met een vijl om ze meer menselijk te laten lijken en om ze te laten passen bij de afmetingen van de tanden in de menselijke bovenkaak. Hoewel de vervalsing erg slecht gedaan was, heeft het de gehele gevestigde orde voor de gek gehouden. Het duurde tot 1953 voor dat het bedrog werd geopenbaard. Tot die tijd (veertig jaar lang) was het zelfs het meest aangehaalde ‘bewijs voor de evolutie’.

Een ander belangrijk veld van bedrog was de presentatie van misvormde mensen, tentoongesteld als zogenaamde ‘aapmensen’, als attractie in een circus of op kermissen. Een praktijk die vanaf begin 1800 tot meer dan een eeuw werd uitgevoerd, voor zover bekend zonder enige vorm van wetenschappelijke weerlegging van deze vorm van misleiding. [4]

De dringende behoefte van evolutionisten om de ontbrekende schakel te vinden heeft ook bijgedragen tot grove wetenschappelijke blunders. De meest opmerkelijke van deze was de Nebraska Man. Een tand van een varken in 1922 gevonden door Harold Cook, werd door de vooraanstaande evolutionist Dr. Henri Fairfield Osborn [5] aangeprezen als afkomstig te zijn van de eerste antropoïde (mensachtige) aap van Amerika. Hij noemde deze Hesperopithecus (‘westelijke aap’).

De Illustrated London News van 24 juni 1922, drukte een artiestimpressie af van de eigenaar van de tand. Een rechtop staande aapmens. Het toonde de vorm van het lichaam, het hoofd, de neus, oren, haren, etc. Het werd zelfs afgebeeld samen met zijn vrouw, huisdieren en gereedschap. Bovenstaande voorbeelden laten duidelijk zien dat zogenaamde ‘hominiden’ (mensachtige) vaak niet meer zijn dan enkele botfragmenten, die gecombineerd met een grote dosis fantasie veranderen in aapmensen.

Daarnaast is het ook nog eens zo dat ‘hominide’ fossielen zo zeldzaam zijn dat veel onderzoekers nog nooit werkelijk een fragment in handen hebben gehad. Met gevolg dat veel wetenschappelijke publicaties over de menselijke evolutie zijn gebaseerd op modellen, foto’s en beschrijvingen.

Hoe zit dat nu eigenlijk met de bewijzen voor aapmensen?

Evolutie van de Mens
Australopithecines

Australopithecus (‘zuidelijke aap’) is de naam die aan enkele in Afrika gevonden fossielen is toegekend. Evolutionisten beweren dat deze het dichts bij de  zogenaamde voorouder van mens en aap staan.
Dr. Fred Spoor (anatoom en evolutionist), heeft onderzoek gedaan aan het binnenoorgebied van een zuidelijke aap, met behulp van CAT-scans. Dit onderzoek laat zien dat hun halfcirkelvormige kanalen, die het evenwicht en de mogelijkheid tot rechtop lopen bepalen, sterk lijken op die van de (huidige) grote apen. [6]

De meest bekende australopithecine is ‘Lucy’. Dit is een voor 40% compleet skelet,  genaamd Australopithecus afarensis, [7] dat in 1974 door Donald Johanson in Ethiopië is gevonden. Modellen van Lucy’s botten zijn wereldwijd door musea op zeer fantasierijke wijze gereconstrueerd, om ze zoveel mogelijk op een aapvrouw te laten lijken. Dat wil zeggen met een aapachtig gezicht en hoofd, maar een menselijk lichaam,en menselijke handen en voeten. Het oorspronkelijk Lucy fossiel miste echter de bovenkaak, het merendeel van de schedel en eveneens de hand en voet beenderen!

Verschillende andere exemplaren van A. afarensis hebben lange gekromde vingers en tenen van boombewoners. Ook hebben veel van deze voorbeelden de beperkte polsanatomie van op knokkels lopende chimpansees en gorilla’s. [8], [9], [10] Hierdoor zijn ook evolutionisten zelf steeds meer gaan twijfelen aan ‘Lucy’ als aapvrouw. Dr. Marvin Lubenow citeert de volgende evolutionisten Matt Cartmill (Duke University), David Pilbeam (Harvard University) en wijlen Glyn Isaac (Harvard University): ’De australopithecines zakken steeds meer af tot de status van eigenaardig gespecialiseerde apen….’ [11]

Homo habilis

De volgende in het rijtje is Homo habilis oftewel ‘handy man’. Zijn naam dankt hij aan de aanname dat hij handig zou zijn met gereedschap. De meest bekende hiervan draagt de codenaam: KNM-ER 1470. [12] Dit exemplaar bestaat uit een fossiele schedel en onderbenen. Deze vondst uit Kenya werd in 1972 gedaan door Richard Leakey.

De CAT-scans die dr. Spoor maakte van het binnenoor van een Homo Habilis schedel, laten zien dat deze soort meer liep als een baviaan dan als een mens. [6] De meeste onderzoekers van vandaag de dag, inclusief dr. Spoor, beschouwen Homo Habilis als ‘een vergaarbak van verschillende soorten’, inclusief stukjes en beetjes van Australopithecus en Homo Erectus. Men beschouwt deze soort niet als een valide categorie. Met andere woorden, het heeft nooit echt in die hoedanigheid bestaan, en kan dus ook zeker niet worden beschouwd als de veronderstelde schakel tussen Aaustralopithecus apen en de mens.

Homo Erectus

De volgende is Homo Erectus, oftewel ‘rechtopgaande mens’. Opgravingen van deze fossielen tonen het gebruik van gereedschap, gecontroleerd gebruik van vuur, dat ze hun doden begroeven, en dat sommige rode oker gebruikten voor decoratie. De grootte van hun hersenen, hoewel kleiner dan de gemiddelde moderne mens, ligt binnen de menselijke variaties. Recent onderzoek toont bewijs van zeevaart. [13] De CAT scans van dr. Spoor laten zien dat zijn houding gelijk was aan de onze. [6] Er zijn zelfs evolutionisten die toegeven dat ze eigenlijk tot de zelfde soort behoren als de moderne mens (Homo Sapiens). [14] Men kan dus terecht aannemen dat ze slechts een variatie zijn op de werkelijke mens (zoals we dat nog steeds overal om ons hen kunnen zien, vergelijk een Inuit eens met een Tutsi of een Chinees eens met een West Europeaan)..

Neanderthalers

Deze groep woonde in Europa, en het gebied rondom de Middellandse zee. [15] De onderzoekers die voor het eerst van fossielen een reconstructie maakten, gaven hem een voorovergebogen (dat is aapachtig) uiterlijk. De vroege reconstructies leden echter sterk aan een grote mate van evolutionistische vooringenomenheid.

Daarbij komt nog het feit dat veel exemplaren leden aan botziektes zoals rachitis (Engelse ziekte), veroorzaakt door vitamine D gebrek gedurende de kindertijd, wat kan resulteren in het buigen van het skelet. Een oorzaak van het gebrek aan vitamine D is te weinig zonlicht, wat in overeenstemming is met het leven in de ijstijd na de zondvloed.

Moderne reconstructies van Neanderthalers geven een heel ander beeld en zijn consistent met de opvatting van creationisten dat ze volledig mens zijn. De kleine variaties in hun skelet ten opzichte van de gemiddelde moderne mens, inclusief het gemiddeld grotere schedelvolume, zijn in principe niet afwijkend van andere fysieke verschillen tussen verschillende groepen mensen heden ten dage. Deze variaties zijn aangetoond als consistent met de genetische eenheid van het mensdom.

Ondanks pogingen om met behulp van DNA fragmenten uit een Neanderthaler bot het tegendeel te bewijzen, claimen zelfs evolutionisten dat ze toch echt tot de Homo Sapiens  moeten worden gerekend. [16]

Maar hoe zijn deze fossiele menselijke resten dan ontstaan? 

Antwoord: De vroege menselijke fossielen betreffen verschillende groepen mensen die leefden na de zondvloed. De reden dat op veel locaties op de wereld de oudste aapfossielen gevonden worden onder de menselijke fossielen moet gezocht worden in verschil van migratie snelheid. Dieren migreerden direct na de zondvloed. De migratie van de mens vond pas echt plaats na de val van Babel (torenbouw van Babel).

Conclusies

Hoe fossiele botten worden geïnterpreteerd, hangt volledig af van de visie over het ontstaan van de aarde van de onderzoekers. De theorie van de menselijke evolutie heeft een aantal missende schakels nodig. Dit heeft tot gevolg gehad dat er in de periode vanaf Darwin, veel kandidaten naar voren zijn geschoven. Echter niet één daarvan heeft de test van eerlijk en doorgrondig onderzoek doorstaan. Ze blijken alle afkomstig te zijn van of een uitgestorven aap of een uitgestorven mens. De fossiele bewijzen verplichten geenszins tot geloof in het bestaan van aapmensen, noch dat de mens het gevolg is van evolutie. Integendeel, de mens is direct geschapen door God en naar het beeld van God, niet naar het beeld van een aap.

Christenen die flirten met het evolutionistische idee dat aapmensen eens de aarde bevolkten en dat God één van hen uitkoos om ‘Adam” te zijn, gaan lijnrecht in tegen ware wetenschap én het Woord van God.

Dit artikel verscheen eerder in Creation Magazine 25(1):16-19 van december 2002 en is hier online in het Engels te lezen.

Referenties en aantekeningen

[1] Het meest bekend als auteur van de Sherlock Holmes detectives.
[2] Niet te verwarren met ‘mensen’, vaak preadamiet genoemd, waarvan sommige christenen onterecht aannemen dat die hebben bestaan voor Adam. Zie Grigg, R., Pre-Adamites; Where there humans beings on Earth before Adam?, Creation 24(4);42-45, 2002.
[3] Dr. Marvin Lubenow, Prof. Emeritus van Christian Heritage College, San Diego, zegt: ‘Alleen deze spirituele dimensie verklaard ons geluk en lijden’. Zie Lubenow, M., Bones of Contention, Baker Bookes, Michigan, p. 168, 1992. Bones of contention is het ultieme boek over het ontstaan van de mens voor Creationisten.
[4] Eén van de meest bekende was Julia Pastrana (1834-1860), die leed aan verschillende genetische aandoeningen die zorgden voor een overdadige hoeveelheid lichaamshaar en een aap gelijkende vooruitstekende onderkaak. Zie TJ 16(3).
[5] Toenmalig hoofd van Paleontologie van het Amerikaans Natuur historisch museum.
[6] Spoor, F., et al., Implications of early hominid labyrinthine morphology for evolution of human bipedal locomotion, Nature 369(6482):645–648, 23 June 1994. Spoor is Professor of Evolutionary Anatomy at University College London, UK, and joint editor of the Journal of Human Evolution.
[7] Dit betekent ‘zuidelijke aap (van de staat Afar in Ethiopië)’. Lucy’s genus wordt nu soms geclassificeerd als Praeanthropus.
[8] Menton, D., Making man out of monkeys, 23 August 2002.
[9] Oard, M., Did Lucy walk upright?, TJ 15(2):9–10, 2001.
[10] Zie Lucy was a knuckle-walker, Creation 22(3):7, 2000.
[11] Ref. 3, p. 167, which quotes Cartmill, M., Pilbeam, D. and Isaac, G., One hundred years of paleoanthropology, American Scientist 74:419, July–August 1986.
[12] Betekenis is ‘fossiel nr. 1470 in het Kenya National Museum, East Rudolph’.
[13] Zie Early man underestimated (again), Creation 21(1):9, 1998, based on Thwaites, T., Ancient mariners: Early humans much smarter than we expected, New Scientist 157(2125):6, 14 March 1998. Ook , Morwood en anderen., Fission-track ages of stone tools and fossils on the east Indonesian island of Flores, Nature 392(6672):173–176, 12 March 1998. Zie ook in dit deel een overzicht van het onderzoek naar de zeevaartkundige vaardigheden van Homo erectus.
[14] Wolpoff en anderen toonden aan dat de kenmerken van verschillende menselijke schedels er op duiden, dat er kruisingen geweest moeten zijn onder ‘modern uitziende Homo sapiens’ en Neanderthalers, en zelfs Homo erectus (Modern human ancestry at the peripheries: A test of the replacement theory, Science 291(5502):293–297; opmerking door E. Pennisi, p. 231, Skull study targets Africa-only origins).
[15] Vernoemd naar de Neandervallei (Neanderthal) bij Düsseldorf in Duitsland waar de eerste fossielen in 1856 werden opgegraven.
[16] Zie White, M., The caring Neandertal, Creation 18(4):16–17, 1996; also Lubenow, M., Recovery of Neandertal mtDNA: An evaluation, CEN Tech. J. 12(1):87–97, 1998.