Waarom de elektrische batterij vergeten was

Waarom de elektrische batterij vergeten was
door David Down in Creation 16(2).
vertaling FZ, Werkgroep In Genesis

Vijftig jaar geleden maakte de Wilhelm Konig, de toenmalige directeur van het Bagdad Museum melding van een 2000 jaar oude elektrische batterij. Heeft u nog nooit gehoord van die sensationele ontdekking? Wij kunnen u vertellen waarom. Het paste niet binnen de gevestigde inzichten, en de meeste archeologen wilden er niets van weten. Zij hoopten dat het zou verdwijnen.

Maar Konig’s batterij zou niet verdwijnen. Er werden zelfs nog veel meer gevonden in Parthische nederzettingen vlakbij Bagdad.

De door Konig ontdekte batterij bestaat uit een stenen fles van 14 cm hoog, een diameter van 8 cm met een opening aan de bovenzijde van 3,3 cm. Binnen deze opening, werd een uit koperplaat gefabriceerd buisje op zijn plaats gehouden door teer (bitumen). Op de bodem was het buisje verankerd met een koperen schijf die ook met teer op zijn plaats gehouden werd. Aan de afdichting (deksel) van teer hing een ijzeren pen binnen in de koperen buis.

Zuur-batterij

Het gebruik van een asfalt verzegeling geeft aan dat het voorwerp een bepaalde vloeistof bevat moet hebben. In die tijd waren afgezien van plantaardige en minerale oliën, nagenoeg alle beschikbare vloeistoffen zuur. Dus de logische conclusie was dat deze stenen kruikjes met hun inhoud gebruikt werden voor het produceren van een elektrische stroom. Hoogstwaarschijnlijk was azijn het zuur dat men gebruikte.

Maar het was vooral het doel waarvoor deze elektrische stroom gebruikt kon of zou kunnen worden wat nogal wat verlegenheid teweegbracht.

De enige waarschijnlijke verklaring was dat het gebruikt was voor galvaniseren, maar er waren nog nooit gegalvaniseerde objecten gevonden. In elk geval is er voor galvaniseren veel meer nodig dan een zwakke elektrische stroom.

Gebruik voor medische therapie

Paul T. Keyser van de University of Alberta in Canada komt nu met een alternatieve verklaring. In een artikel in het pretentieuze archeologische Journal of Near Eastern Studies, beweert hij dat deze batterijen waren gebruikt als pijnstiller. Hij wijst erop dat er aanwijzingen zijn dat sidderalen gebruikt werden voor pijnverdoving, of voor anestezeren voor medische behandeling. De elektrische batterij zou kunnen hebben voorzien in een minder rommelige en beter beschikbare methode voor pijnbestrijding.

Natuurlijk zal die 1,5 volt die door een dergelijk apparaat opgewekt wordt niet veel doen om ook maar een stukje huid te verdoven, dus de volgende conclusie is dat deze oude beschaving ontdekt moet hebben hoe meerdere batterijen in serie geschakeld moesten worden om zo een hogere spanning te creëren.

Paul Keyser zegt: ‘Mesopotamische medische praktijken omvat een aantal elementen die bevorderlijk waren voor de aanvaarding van van dit type elektratherapeutische apparaten.’

In Sumerië, Akkad, and Babylonië, waren er twee soorten dokters, de ‘Asu’ en de ‘Asipu’. De laatste praktiseerde het stellen van een diagnose aan de hand van de symptomen van de patiënt, of waarzeggerij om de aard van de aandoening vast te stellen. De eerste schreef medicijnen voor of gebruikte bezweringen om herstel te bewerkstelligen. Zij zouden diegene geweest kunnen zijn die de elektrische stroom toedienden aan de getroffen delen van hun patiënten.

Oude acupunctuur?

Keyser beschouwd het van belang dat koperen en ijzeren naalden gevonden zijn samen met de batterijen in Seleucia. Hij vermoedt dat deze naalden mogelijk voor acupunctuur gebruikt zijn. Hij geeft aan dat acupunctuur toen al een standaard behandeling was in China.

Behandeling met “elektrische vissen”

Elektrische vissen werden gebuikt voor medische doeleinden in Griekse en Romeinse oudheid voor pijnverlichting bij hoofdpijn en jicht. Scribonius Largus schreef lang geleden, ‘voor elke soort van jicht aan de voeten is het goed om bij aanvang van de pijn op een levende zwarte torpedovis te gaan staan op het strand. Men moet daarbij niet staan op een droog deel maar daar waar de zee actief spoelt, totdat men voelt dat zijn hele voet en enkel verdooft zijn tot aan de knieën.’

Hoewel elektrische vissen in de Middellandse zee en de rivier de Nijl aangetroffen worden, komen ze niet voor in de Perzische golf of de rivier(en) van Mesopotamië, vandaar de noodzaak om een elektrische batterij uit te vinden.

Maar dit alles was teveel voor de gevestigde orde. Het paste niet binnen het gebruikelijke concept van de ontwikkeling van Homo sapiens, de briljante generatie van de moderne mens die zich naar men beweerd langzaam heeft ontwikkeld vanuit primitieve aapmens tot onze verontwikkelde wetenschappelijke gemeenschap. De Partische batterijen waren hun tijd ver vooruit en die konden we maar beter vergeten.

Artefacten aangeduid als ‘ooparts’

Feitelijk was deze ongewenste ontdekking reeds gepubliceerd door Rene Noorbergen voordat Keyser’s artikel verscheen in de april 1993 editie van het Journal of Near Eastern Studies. Out Of Place ARTefactS in het boek - Secrets of the Lost Races- van Rene Noorbergen.Noorbergen, een Amerikaanse journalist die later hogeschool docent werd, schreef een boek genaamd Secrets of the Lost Races (Norcom Publishing, Collegedale (Tennessee), 1992). Hij schreef niet alleen een heel hoofdstuk over de vergeten batterijen, maar vroeg ook aandacht voor andere artefacten die niet pasten binnen het gevestigde beeld. Hij noemde ze ‘OOPARTS’, of ‘Out Of Place ARTefactS’ (Niet passende artefacten/ongewenste artefacten).

Het lijkt erop dat Noorbergen hier en daar een beetje te ver ging en onvoldoende aandacht besteedde aan bronvermelding, of bronnen vermeldde die moeilijk te traceren waren. Hij verzamelde ook ‘bewijsmateriaal’ om zijn ideeën te ondersteunen dat 4000 jaar geleden de mens rondvloog in vliegtuigen en atoombommen had, die de toenmalige beschaving vrijwel geheel verwoestte. Ook schijnt hij het foute idee te accepteren dat scheermesjes door de kracht van piramides weer scherp werden. Maar hij produceerde ook een aantal kennelijk betrouwbare rapporten waar een aantal geologen zich erg onprettig bij voelden.

Moderne uitvinding miljoenen jaren oud?

In 1967 vermeldden de kranten in heel Amerika over de ontdekking van menselijke overblijfselen en een keurig geharde koperen pijlpunt uit een zilvermijn in Colorado, op een diepte van ongeveer 120 meter.

De uitgave van de Scientific American van juni 1851 meldde dat na het opblazen van gesteente in Dorchester, Massachusetts een prachtige metalen vaas was ontdekt (die in dit gesteente gevangen had gezeten) De vaas was versierd met 6 bloemen en met zilver ingelegd, het gesteente werd verondersteld miljoenen jaren oud te zijn.

De auteur schenkt ook aandacht aan de Ashoka Pilaar bij de Qutab Minar in Delhi, India. Het is een 10 meter hoge ijzeren pilaar welke 6 ton weegt en daar al minstens sinds 413 N.C. staat. De pilaar laat echter maar minimale roestsporen zien. Het heeft met onze moderne technologie een lange tijd geduurd voordat we roestvrij staal konden maken. Koning Chandragupta’s mensen lijken in die tijd al zover geweest te zijn.

Noorbergen wijst ook op de welbekende problemen betreffende de bouw van de piramides. Hij concludeert dat ‘de bouwlieden gebruik maakten van constructie en engineering vaardigheden die alleen hen bekend waren’. We zouden moeten toegeven dat de moderne mens met al wat hij aan geweldigs bereikt heeft, niet in staat is om een dergelijk ontzagwekkend monument te laten opreizen met de primitieve uitrusting waarvan wij denken dat die voor hen beschikbaar was.

Met betrekking tot het holbewoners concept wijst Noorbergen erop dat er geen enkel bewijs is dat deze mensen die in grotten woonden bijvoorbeeld overvloedig lichaamshaar hadden. Dit is allemaal onderdeel van het veronderstelde scenario, de manier waarop sommige illustrators/kunstenaars denken dat het moest zijn.

Vergevorderde beschaving in het ‘stenen tijdperk’

In werkelijkheid zijn er aanwijzingen in overvloed om aan te tonen dat de mensen in het ‘stenen tijdperk’ zeer intelligent waren met een vergevorderde beschaving. Hun stenen borden, schalen, en vazen waren met vakmanschap gemaakt en het artistieke ontwerp van hen onthult verfijnde kunstvormen.

Robert Silverberg schreef:

‘de rotsschilderingen zijn verassend voor diegene die de voorkeur geven om te denken dat de mens uit het kwartair [1] ietsje meer is dan een aap.’ [2]

De grote archeoloog W.F. Albright schreef:

‘het is erg twijfelachtig of de artistieke mogelijkheden van de mens vandaag groter zijn dan die van hen in de late prehistorie.’ [3]

Natuurlijk, sommigen mensen leefden in grotten, maar ook vandaag zijn er naast moderne beschavingen nog mensen die in grotten wonen. Dus laten we de batterijen in de openbaarheid brengen en erkennen dat we wellicht niet zo ver ontwikkeld zijn. Het is slechts door de opeenstapeling van kennis door de eeuwen heen dat we nu computers, raketten en atoombommen hebben. Niet doordat onze intelligentie geleidelijk verder ontwikkeld is.

Het bijbelse verslag zegt dat zelfs vóór de zondvloed, Túbal-Kaïn, een leermeester (was) van allen werker in koper en ijzer;’ (Genesis 4:22), en In die dagen waren er reuzen op de aarde,’ (Genesis 6:4). Misschien waren sommige niet alleen reuzen in fysiek opzicht, maar ook in intellectueel opzicht. [4]

 

David Down is een bijbels archeoloog die archeologie heeft gestudeerd aan de Andrews University in de VS. Hij heeft het ‘Israëli Department of Antiquities’ [red1] geholpen met opgravingen op 6 verschillende plaatsen in Israël. Hij is ook redacteur en uitgever van het maandelijks archeologische nieuwsblad, Diggings.



Referenties en aantekeningen

[1] Het kwartair is de aanduiding die in het algemeen wordt gehanteerd voor de periode Pleistoceen en Holoceen. Volgens evolutionisten van 2.5 miljoen jaar geleden tot nu. Evolutionisten geven dit aan als de periode waarin de mens opkwam. Bijvoorbeeld de Neanderthaler en Homo Erectus (zie ook het artikel Aapmensen in het voorgeslacht? )
[2] Robert Silverberg, Man before Adam, p 191, Macrae Smith, 64-14871
[3] W.F. Albright, From the Stone Age to Christianity,
[4] Het woord wat gebruikt wordt in het Hebreeuws is ‘nephilim’ (voor meer informatie zie bijvoorbeeld The Answers Book, hoofdstuk 9).
[red1] Israëlische departement van oudheden.

Originele Engelse tekst op: http://www.answersingenesis.org/creation/v16/i2/battery.asp