Behemoth’s in koperen gedenkplaat van Bisshop Bell!

Behemoth’s in koperen gedenkplaat van Bisshop Bell!
door Philip Bell in Creation 25(4).
vertaling FZ, Werkgroep In Genesis

In juni 2002 bezocht ik samen met m’n gezin de Carlistle Kathedraal, voornamelijk om even een kijkje te nemen onder een vloerkleed!

Onder een beschermend tapijt bij het hoofdgangpad van de kathedraal (in feite het hoofdpad tussen de koorstoelen) ligt een tamelijke grote, met koper ingelegde graftombe. De tombe behoort toe aan een naamgenoot (maar geen familie zover ik weet), Richard Bell die tot kort voor zijn dood in 1496, bisschop was van Carlistle.

Bisshop Bell's tombe
Verschillende verhalen

De graftombe van Bisschop Bell laat duidelijke slijtagesporen zien na vele eeuwen voetgeschuivel. Dinosauriërskeletten zijn pas in de laatste 100 jaar nauwkeurig gereconstrueerd. Voor die tijd werden de beenderen van deze reptielen vaak op onjuiste wijze in elkaar gezet waardoor de eerste artistieke presentaties veelal onjuist waren.

Het lijkt erg onwaarschijnlijk dat een kunstenaar in de 15e eeuw in staat was om een nauwkeurige weergave te geven van een schepsel dat hij nooit gezien had. Het is meer aannemelijk dat deze voorstellingen allemaal schepsels weergeven die wel degelijk waren geobserveerd.

De enige reden waarom moderne wetenschappers weigeren dit als dinosauriërs te identificeren is duidelijk hun antibijbelse vooronderstelling ‘dat mensen en dinosauriërs niet samen geleefd hebben’.

Voor een doorsnee bezoeker zal deze grote, met koper ingelegde marmeren plaat niets bijzonders onthullen (zie figuur 1 en 3 – vanwege copyright beperkingen is figuur 3 alleen beschikbaar in het blad Creation).

Maar bij nader onderzoek kun je gravures waarnemen van schepselen die ieder kind vandaag de dag zal herkennen als dinosauriërs! Met toestemming van de beheerder van de kathedraal [1], mocht het tapijt worden verwijderd zodat ik foto’s kon nemen.

Gezien het feit dat het koper al erg afgesleten is, kreeg ik geen toestemming om met een potlood een afwrijfsel te maken. [2] De beheerder van de kathedraal was echter zo vriendelijk om mij te voorzien van enkele reproducties. [3]

Richard Bell

Richard Bell werd in 1410 geboren en trad op zijn 16e jaar toe tot het monnikenleven in Durham. Hij bleef monnik voor de komende 50 jaar en gedurende deze periode werd hij tot priester gewijd en behaalde hij een graad aan de universiteit van Oxford. Na een periode als Prior van Durham (1464–1478), werd hij gepromoveerd tot bisschop van Carlistle in 1479.

Als monnik kon hij geen testament laten opmaken maar historici zijn het erover eens dat hij stierf in 1496 vandaar de toegekende datering voor deze graftombe. [4] Bisschop Richard Bell wordt op de koperen gedenkplaat afgebeeld onder een gotisch gewelf (2,9 meter lang) met een lichaamslengte van 1,44 meter en gekleed in volledig ambtskleed inclusief de staf en mijter.

Gravures

Maar de aandacht gaat vooral uit naar de inhoud van de smalle koperen strook (2,9 meter lang) aan de rand van de tombe. Als gevolg van de tand des tijd (en de ontelbare duizenden voetstappen) zijn bepaalde delen van deze strook al lang geleden verloren gegaan, inclusief de gehele onderkant. Echter, tussen de woorden van de Latijnse inscriptie zijn diverse dieren afgebeeld. De meeste hiervan zijn allerdaags zoals verschillende vissen, een paling, een hond, een varken, een vogel en een hermelijn maar enkele gravures tonen ongebruikelijke dieren.

Eén van de gravures is onmiskenbaar een weergave van een zekere dinosauriër (figuur 2.) Maar hoe is dat mogelijk want de graftombe van de bisschop is verzegeld en gedecoreerd, ruim 3 eeuwen voordat fossielen beenderen van dergelijke dieren werden opgegraven, werden beschreven en hun benaming kregen.

Dinosauriërs in de 15e eeuw?

Toen Richard Owen in 1841 de naam ‘dinosaur’ in het leven riep [5] (wat verschrikkelijke hagedis betekend), wist slechts een klein aantal wetenschappers van hun bestaan. Ongebruikelijk grote beenderen waren al eerder gevonden vóór de 19e eeuw. De vroegste beschrijving vinden we in een boek van Robert Plot, gepubliceerd in 1676. [6] Maar de mensen waren onzeker over de herkomst van deze beenderen. Sommigen meenden zelfs dat ze van reusachtige mensen [7] afkomstig waren. Wetenschappers hebben nu honderden dinosauriër -‘soorten’ beschreven en hebben ze ondergebracht in een aantal afzonderlijke taxonomische groepen.

Wanneer we de bijbelse beschrijving over de schepping en de geschiedenis van de aarde accepteren, dan weten we dat deze hoofdgroepen afstammen van de originele typen (ieder naar zijn aard) die God schiep op dag 6 (Genesis 1) dezelfde dag dat God de mens schiep. Later nam Noach, paartjes van iedere type landdier dat door de neus ademt mee aan boord van de ark en dat betekent dus ook afgevaardigden van iedere dinosauriërsoort (zie Genesis 7:2, 8–9, 14–16). [8]

Buiten de ark kwamen alle mensen en landdieren ter wereld om tijdens de grote vloed (Genesis 7:19-23). In de daaropvolgende jaren verspreiden de afstammelingen van de overlevenden uit de ark zich over de hele wereld, precies zoals God het had opgedragen (Genesis 8:15–17).

Sauropod afbeelding

Hoewel dinosauriërs vandaag de dag uitgestorven lijken te zijn [9], is het niet heel erg verwonderlijk als sommige soorten het tot voorkort zouden hebben overleefd. [10] Als dat het geval zou zijn, dan zouden mensen ze gezien moeten hebben in de eeuwen na de vloed en hun aanwezigheid vastgelegd hebben in de literatuur en kunst.

Feitelijk waren ook verschillende Oudtestamentische schrijvers geïnspireerd om draken [11] te beschrijven. Het boek Job (hoofdstukken 40 en 41) beschrijft twee indrukwekkende schepsels –Behemoth en Leviathan – welke niet lijken op enig nu nog levend (bekend) dier, maar sterk overeenkomend met dinosauriërs. Bovendien zijn er verhalen over grote en beangstigende reptielachtige dieren (vaak aangeduid als draken) vanuit diverse culturen wereldwijd. [12]

Vanwege het moderne evolutionaire geloof vandaag de dag dat geen enkele dinosauriër de krijtperiode (een veronderstelde 65 miljoen jaar geleden) overleefd zou hebben, doen de meeste mensen dit bewijsmateriaal af als mythes en legenden, daarbij negeren ze de duidelijke bijbelse leer. Echter, voor de onbevooroordeelde denker, suggereert Bisschop Bell’s ‘koperen behemoth’s’ dat sommige van zulke dieren gezond en wel waren tot op zijn minst in de middeleeuwen.

Hoewel sommige details jammer genoeg zijn weggesleten, toont figuur 4 twee dinosauriërs verwikkeld in een gevecht (of misschien wel tijdens het hof maken). Rechts afgebeeld zien we een sterke gelijkenis met een recente reconstructie van een sauropod dinosauriër, bijv. Apatosaurus; zie figuur 2. Hij is afgebeeld met een horizontale nek positie, in plaats van een meer omhoog gerezen nek zoals paleontologen (wetenschappers die fossielen bestuderen) tot voor kort dachten dat de juiste positie was.[13]

Onder het stof van eeuwen geleden

Behemoth's

klik op de afbeelding voor een vergroting.

Wat deze verbazingwekkende plaatjes tonen lijkt op dinosauriërs. Met figuur 4 onthult onze fotograaf de gravures in de koperen rand wat elk onbevangen schoolgaand kind zal identificeren als de overbekende sauropod dinosauriër – de soort met de lange nek en lange staart. Het lijkt alsof ze betrokken zijn in een nekgevecht (wat ook kenmerkend is voor giraffen) of misschien paringsgedrag wat ook wel bekend is binnen het dierenrijk.

Op een Eryops gelijkend amfibie

Deze afbeelding van een ongewoonlijk maar niet direct identificeerbaar beest, vertoont enige overeenkomsten met een Eryops amfibie.

Op dezelfde wijze is ook de staart opgeheven, in plaats van slepend over de grond zoals alle reconstructies (met uitzondering van de meest recentste) ons foutief laten zien. [14]

Het dier aan de linker zijde pronkt met aanhangsels/stekels bij het eind van zijn staart die iedere dinosaurus- enthousiasteling doet denken aan de gestekelde staart van de Stegosaurus of mogelijk de benige knuppelachtige staart van bepaalde Ankylosaurus dinosauriërs zoals de Euoplocephalus.

Het is mogelijk dat beide dieren de staart-aanhangsels hadden; de knik aan het eind van de staart bij het dier rechts zou daar het enige overblijfsel van kunnen zijn, verdere details zijn al lang weggesleten.

Deze glimp die we opvangen uit de zoologische wereld van de 15e eeuw herbergt nog een andere waarheid. Vandaag de dag kunnen we waarnemen dat de mannetjes van sommige dieren met lange nekken zich inlaten met krachtmetingen. Ze doen dit om de dominantie en rangorde te bepalen om daarmee toegang te krijgen tot vruchtbare vrouwtjes. Deze gravure van twee strijdende dinosauriërs doen zeker denken aan giraffen tijdens hun ‘nek aan nek gevechten’.

Een andere gravure op de graftombe van Bisschop Bell (figuur 5) lijkt in geen enkel opzicht op enig levend dier. Jammer genoeg is dit deel erg versleten maar we kunnen de kop en bek van krokodillenafmetingen herkennen. Echter, de poten zijn anders dan die van krokodillen en het dier is dus waarschijnlijk een uitgestorven reptielachtige soort.

Natuurlijk is niet iedereen overtuigd dat deze beesten daadwerkelijk dinosauriërs zijn. Veel mensen zijn dusdanig beïnvloed door de evolutiepropaganda [15] dat men zich genoodzaakt voelt om het af te doen als een anachronisme. De beheerder van de Carlistle Kathedraal schreef bijvoorbeeld het volgende in een brief aan David Jolly (AIG VS):

deze gravure omvat verschillende vegetatiesoorten, vogels, honden, vissen, een vleermuis, een paling en verschillende mythische beesten. Ik ben van mening dat het woord ‘dinosauriër’ binnen deze context onjuist is. De decoratie is typerend voor deze periode en helemaal niet ongebruikelijk of opmerkelijk’…

De aanwezigheid van dinosauriërgravures uit deze periode geeft echter geen probleem voor mensen die accepteren wat de Bijbel zo duidelijk impliceert, namelijk dat mensen en dinosauriërs eens tijdgenoten waren. Zonder twijfel willen velen ons laten geloven, dat enkele kunstenaars uit de renaissanceperiode een beest verzon dat zo maar, door puur toeval op een dinosauriër leek.

Tenzij het hier een zorgvuldig uitgevoerde vervalsing betreft [16] (wat gezien de locatie erg onwaarschijnlijk is), wordt ons hier verder bewijsmateriaal voorgehouden wat aantoont dat de ‘standaard evolutionaire leerstelling’ dat dinosauriërs 65 miljoen jaar geleden uitstierven, simpelweg onjuist is.



Referenties en aantekeningen

[1] Rev. Canon David W.V. Weston, Canon Warden & Canon Librarian. Brief gedateerd op 5 juni 2002.
[2] In feite was het koper inlegwerk slechts een paar jaar eerder professioneel verwijderd en opnieuw ingezet omdat het los kwam uit de stenen plaat.
[3] De medewerking van de beheerder wordt zeer gewaardeerd. Hij is het niet eens met de opvatting dat de dieren dinosauriërs voorstellen zoals dit artikel verder beschrijft. We hebben elkaar echter ontmoet tijdens mijn bezoek en hij hielp mij aan bruikbare documenten over het koperwerk van de tombe en over bisschop Bell zelf.
[4] Dobson, B., Richard Bell, prior of Durham (1464–78) and bishop of Carlisle (1478–95), in: Transactions of the Cumberland & Westmorland Antiquities & Archives Society 65:182–221, 1965.
[5] Dr. Owen (later professor Sir Richard Owen) deed deze beroemde aankondiging tijdens een samenkomst van de British Association for the Advancement of Science, op basis van de skeletten van of Iguanodon, Megalosaurus and Hyaeosaurus.
[6] De eerwaarde Robert Plot was Professor of ‘Chymistry’ aan de Oxford University, en hij identificeerde het gebroken gebeente (uit een limestone groeve in Oxfordshire) als deel van een dijbeen. Het exemplaar is sindsdien verdwenen maar behoorde waarschijnlijk toe aan een Megalosaurus dinosauriër. Zie: Benton, M.J., The Penguin Historical Atlas of the Dinosaurs, Penguin Books Ltd., London, p. 12, 1996.
[7] Charig, A., A New Look at the Dinosaurs, British Museum (Natural History), London, p. 45, 1985.
[8] Ham, K., The Great Dinosaur Mystery Solved! A biblical view of these amazing creatures, Master Books, Arkansas, 1998.
[9] Dinosaur extinction is no great mystery if we start with Scripture; zie ref. 9, pp. 11–17. en ook, Ham, K., What really happened to the dinosaurs? Answers in Genesis, 2001.
[10] Het is mogelijk dat sommige dinosauriërs, waarvan de wetenschappelijke gemeenschap verondersteld dat ze al lang uitgestorven zijn, toch nog leven in afgelegen delen van de aarde. Zie: Woetzel, D., Behemoth or bust: an expedition into Cameroon investigating reports of a Sauropod dinosaur, TJ15(2):62–68, 2001.
[11] In veel gevallen toont de context ontegenzeggelijk aan dat ze echt zijn, en dat deze bijbelse schrijvers vertrouwd waren met deze ongewoonlijke schepsels.
[12] Zie bijvoorbeeld: ‘Dragon’ fossils seized, Creation 17(4):9, 1995; Alferov, T., Draken: dieren…geen schimmen!, Creation 22(3):14–16, 2000; Johnson, B., Thunderbirds: Did the American Indians see ‘winged dinosaurs’? Creation 24(2):28–32, 2002.
[13] Zie ‘Towering’ dinosaurs … a tall story? Creation 21(4):8, 1999; commentary on a report in Science.
[14] Een aantal jaren geleden bijvoorbeeld, pastehet British Museum of Natural History de staart van het Diplodocus skelet in de hoofd galerij aan, aan de nieuwe inzichten.De sauropod dinosauriërs gebruikt in het BBC/Discovery Walking with dinosaurs programma zijn ook allen weergegeven in deze cantilever houding.
[15] Dit betekent dat de ‘feiten’ van evolutie en miljoenen jaren aardse geschiedenis dusdanig in hun gedachten zijn verweven, dat ieder bewijsstuk wat twijfel zou moeten brengen in hun wereldbeeld opnieuw wordt geïnterpreteerd om zo toch te pasbaar te maken.
[16] Sommige aannemelijke bewijsstukken dat mens en dinosauriërs samen hebben geleefd bleken later jammer genoeg onjuist. De controversiële Ica-stenen – naar men beweerd authentieke pre-inca gravures van dinosauriërs uit Peru – bleken later bedrog te zijn. Creation 24(2) beschreef hen met de waarschuwende tekst: te goed om waar te zijn? Het bleek in feite dat een gewetenloze Peruviaanse chirurg de stenen had gekocht van een lokale kunstenaar en ze vervolgens in zijn museum had geplaatst waar hij claimde dat het oude artefacten betrof. De kunstenaar zelf maakt deze stenen voor toeristen en beweert nooit dat ze oud zijn. Het Institute of Geological Sciences in London heeft nadien een van die stenen onderzocht en heeft de moderne oorsprong beaamd. Het bedrog werd geopenbaard tijdens een Nova televisie documentaire in 2002, getiteld ‘The Case of the Ancient Astronauts’.

Originele Engelse tekst op: http://www.answersingenesis.org/creation/v25/i4/bishop.asp