Nog steeds zacht en rekbaar.

Nog steeds zacht en rekbaar.
door Dr. Carl Wieland AiG Australië.
25 Maart 2005
vertaling Werkgroep In Genesis

Zacht weefsel van een dinosauriër gevonden – verbazingwekkend bewijs dat spreekt tegen ‘miljoenen jaren’.

Al eerder maakten we melding van de ontdekking van wat lijkt op microscopische rode bloedcellen (en immunologisch bewijs van hemoglobine) in een dinosauriërbot. (Zie ook het artikel Sensationeel verslag over dinosauriërbloed en het artikel Reactie op kritiek).[1]
De nieuwe aankondiging, waarbij dezelfde onderzoekster betrokken is (Dr Mary Schweitzer van de universiteit van Montana) zorgt ervoor dat het model van de miljoenen jaren in een onmogelijke spreidstand komt te staan.

Er zijn niet alleen nog meer bloedcellen gevonden, maar ook zacht vezelachtig weefsel, en complete bloedvaten. Dat het hier daadwerkelijk gaat om niet-gefossiliseerd zacht weefsel van een dinosauriër, is in dit geval voor het blote oog zo duidelijk, dat de sceptische geluiden die te horen waren bij de vorige ontdekking, nu tot het verleden behoren en afgedaan hebben.

T-Rex zachte delen
Wetenschap via AP
(Bron: www.msnbc.msn.com/id/7285683/)

A: De pijl wijst naar een stukje weefsel dat nog steeds elastisch is. Het vergt een zeer bijzonder groot geloof dat elastisch weefsel als dit, bewaard zou kunnen blijven gedurende 65 miljoen jaar.
B: Nog een afbeelding die wijst op een ‘fris voorkomen’. Het is, net als bij A, moeilijk om in dit geval te geloven in miljoenen jaren.
C: In de gedeeltes van het bot die getoond worden, is de vezelstructuur nog aanwezig. Dit in tegenstelling tot de meeste fossiele botten waar deze structuur ontbreekt. Maar van deze botten wordt beweerd dat ze 65 miljoen jaar oud zijn en desalniettemin deze structuur behouden hebben.

Een beschrijving van een deel van het weefsel luidt als volgt: ‘…Het is flexibel en veerkrachtig en als het uitgerekt wordt, komt het terug in zijn oorspronkelijke vorm’.[2]

Deze spannende ontdekking werd naar verluidt gedaan toen onderzoekers gedwongen werden om een bot van een poot van een Tyrannosaurus rex fossiel open te breken op het moment dat ze het wilden op takelen met een helikopter. Het bot bleek nog grotendeels hol te zijn en niet opgevuld met mineralen zoals gebruikelijk is bij fossielen. Dr Schweitzer gebruikte chemicaliën om het botachtige omhulsel op te lossen, waarna het zachte weefsel dat aanwezig was, aan het licht kwam.[3]

In een citaat werd ze aangehaald en zei ze dat de bloedvaten flexibel waren, en dat in sommige gevallen de inhoud eruit geknepen kon worden. Verder zei ze dat ‘de microstructuren die eruit zien als cellen die in alle opzichten zijn geconserveerd’. Verder wordt bericht dat volgens haar ‘deze mate van conservering, in deze goede staat en flexibiliteit, nog nooit eerder is gezien in een dinosauriër.’

T-Rex zachte delen
CREDIT: M. H. Schweitzer

Links: De flexibele vertakte structuren in het bot van de T-rex zijn terecht geïdentificeerd als ‘bloedvaten’. Zacht weefsel zoals bloedvaten behoren daar niet aanwezig te zijn, als de beenderen daadwerkelijk 65 miljoen jaar oud zouden zijn.
Rechts: Bij sommige bloedvaten was het mogelijk om deze microscopische structuren eruit te knijpen. Het is te zien dat ze ‘lijken op cellen’, zoals de onderzoekers zeiden. Dus opnieuw is er ruimte voor Dr. Schweitzer om dezelfde vraag te stellen, ‘hoe kunnen die cellen het 65 miljoen jaar uitgehouden hebben?’

Het lijkt erop dat de hoofdreden waarom dergelijke zaken nooit eerder zijn aangetroffen, gelegen is in het feit dat er nog nooit naar gezocht is. Schweitzer was waarschijnlijk extra alert op de mogelijkheid vanwege haar eerdere verdienstelijke ontdekking van T-rex bloedcellen. (Het blijkt dat de fossielen – voordat ze behandeld werden met conserveringsmiddelen – eerst naar haar zijn toegestuurd om ze te laten onderzoeken op zacht weefsel; men wist van haar belangstelling). Het is zelfs zo, dat Schweitzer sindsdien in verscheidene andere dinosauriërs zacht weefsel heeft aangetroffen!

De reden dat deze mogelijkheid lange tijd over het hoofd gezien is, lijkt voor de hand te liggen: Het doorslaggevende geloof in ‘miljoenen jaren’.

Het ‘oude aarde’-paradigma (het heersende geloofssysteem) heeft als het ware ook onderzoekers verblind voor deze mogelijkheid. Want het is ondenkbaar dat dergelijke zaken (in dit geval) ‘70 miljoen jaar’ geconserveerd zouden zijn.

Zullen ze nu overtuigd worden?

Jammer genoeg is het ‘oude aarde’-paradigma dusdanig dominant, dat feiten alleen niet in staat zijn het model omver te gooien. Wetenschapsfilosoof Thomas Kuhn heeft al aangegeven [4] dat in het algemeen als een ontdekking in strijd is met het heersende model, het model niet verworpen wordt, maar aangepast wordt. Het is gebruikelijk dat in zo’n geval de nieuwe feiten in overeenstemming worden gebracht met het model door secundaire aannames te doen.

Dat is precies wat er in dit geval gebeurd lijkt te zijn. Toen Schweitzer haar ontdekking deed en voor het eerst onder ogen kreeg wat bloedcellen uit een T-rex leken te zijn, zei ze: ‘Het was precies alsof je keek naar een modern schijfje bot. Maar dat kon ik natuurlijk niet geloven. Ik zei tegen de lab-assistent: ‘De botten zijn uiteindelijk 65 miljoen jaar oud. Hoe kunnen bloedcellen zo lang bewaard blijven?’’[5]
Valt het u op dat haar eerste reactie het bewijs in twijfel trekt en niet het paradigma. Dat is in zekere zin begrijpelijk en menselijk, en geeft aan hoe de wetenschap werkt in de praktijk (hoewel, wanneer creationisten dit doen, het als niet-wetenschappelijk wordt bespot.)

Zullen deze nieuwe feiten een ommekeer tot stand brengen? Zal dit ervoor zorgen dat iemand waagt op te staan en durft te zeggen dat er iets raars is met de kleren van de keizer? Dat is niet aannemelijk. In plaats daarvan zal het naar alle waarschijnlijkheid een ‘aanvaard’ fenomeen worden dat zelfs ‘rekbaar’ zacht weefsel op één of andere manier in staat is om miljoenen jaren te kunnen voortbestaan. (Want, we ‘weten’ tenslotte dat dit exemplaar ‘70 miljoen jaar oud is’.)
Ziet u hoe het werkt?

Schweitzers leermeester, de bekende ‘Dinosaur Jack’ Horner (naar wie de hoofdrolspeler (Sam Neill) in Jurassic Park is gemodelleerd), vraagt musea te overwegen om enkele botten van hun dinosauriërfossielen open te breken in de hoop om meer resten van ‘Squishosauriërs’ te vinden. Maar hij zegt niets over het vraagwaardig stellen van de miljoenen jaren – zucht!

Ik wil de lezer uitnodigen om even stil te staan en na te denken over hetgeen voor de hand ligt. Deze ontdekking biedt enorm krachtige steun aan het idee dat dinosauriërfossielen niet miljoenen jaren oud zijn, maar voor het overgrote deel gefossiliseerd zijn onder catastrofale omstandigheden, op zijn hoogst een paar duizend jaar geleden.[6]



Referenties en aantekeningen

[1] We hebben eerder al geschreven over deIdentificatie van proteinachtig materiaal in botten van een Iguanondon dinosauriër dat werd gedateerd op 120 miljoen jaar oud (Connect Tissue Res. 2003; 44 Suppl 1:41–6).
[2] Scientists recover T. rex soft tissue: 70-million-year-old fossil yields preserved blood vessels, www.msnbc.msn.com/id/7285683/ 24 March 2005.
[3] Blood vessels recovered from T. rex bone, 24 March 2005, NewScientist.com news service.
[4] Kuhn, T.S., The Structure of Scientific Revolutions, 3rd edition, University of Chicago Press, 1996.
[5] Science 261:160, July 9, 1994.
[6] Sommige dinosauriërfossielen zouden gevormd kunnen zijn in het tijdperk na de zondvloed, toen zich in sommige regio’s nog catastrofale omstandigheden voordeden.