Evolutie revolutie

Onderzoek naar wandelende takken doet het geloof van evolutionisten wankelen

Als gelovig student aan de universiteit heeft het gebrek aan bewijs voor evolutie van vliegende insecten sterk bijgedragen aan mijn verwerping van de evolutietheorie in het voordeel van het scheppingsverhaal. Daarom was ik onlangs temeer geïntrigeerd door het lezen van een publicatie over een recent onderzoek dat evolutionisten dwingt tot het “herschrijven van de regels” voor evolutie.

Het is niet de bedoeling dat evolutie andersom werkt—tenminste, dit is een wijdverspreid en geaccepteerd fundamenteel principe van evolutie. Evolutionisten geloven dat het zeer onwaarschijnlijk is dat complexe genetische instructies, eenmaal gecodeerd in het DNA (door natuurlijke selectie of willekeurige mutatie1), weer ongedaan worden gemaakt2 en zelfs nog onwaarschijnlijker worden herwonnen in een later stadium. Het onlangs verschenen rapport over wandelende takken in het prestigieuze blad Nature, dwingt de evolutionisten echter om hun fundamentele geloof te herzien.3

Hedendaagse wandelende takken (ook wel phasmatodea of phasmida genoemd door wetenschappers) tonen een grote variatie in verschijningsvorm; sommigen hebben bijvoorbeeld vleugels en anderen niet.

Conventioneel wordt aangenomen (door evolutionisten) dat meerdere groepen gevleugelde wandelende takken ontstaan zijn vanuit een gevleugeld oertype en dat later velen van deze zijn geëvolueerd tot vleugelloos.4 Uit DNA studies op 59 soorten wandelende takken komt een groep wetenschappers tot een heel andere conclusie: vleugels zijn verloren in een “primitieve” voorouder van de wandelende takken, weer terug gekomen in vier onafhankelijke gevallen, en opnieuw verloren gegaan in twee of meer voorvallen!

Dit betekent dus dat deze extreem complexe structuur die we vleugels noemen (en niet te vergeten de bijbehorende spieren, pezen, gewrichtsbanden, en zenuwsystemen) zou zijn geëvolueerd, gede-evolueerd, en weer meerdere keren zijn gere-evolueerd.

Bovendien zouden deze ‘ups en downs’ in de evolutie van vliegende insecten meer dan 300 miljoen jaar beslaan, met periodes van 100 miljoen jaar vleugelloosheid. Geen wonder dat deze re-evolutie in het evolutionistisch denken wordt beschouwd als een revolutie!5 Genetische informatie voor vleugels die geen doel meer dient, moet verloren gaan of degenereren ten gevolge van mutaties.6 Dit wetende, speculeren de auteurs erop dat de instructies voor de vleugels op een of andere manier waren gekoppeld aan die voor de poten, zodat ze zowel uit- als aangezet konden worden. In het nauw gedreven door hun rotsvaste geloof in de evolutietheorie, falen de auteurs erin om zichzelf af te vragen of deze niet-functionerende genen echt zo lang hebben kunnen blijven bestaan.

Wandelende tak, Zuid-Afrika, Foto M.KosterDit bewijst maar weer eens hoe kneedbaar de evolutietheorie werkelijk is; tegenstrijdige data worden veranderd in bewijs voor de theorie! Het verlies van informatie (vleugels in dit geval) is geen evolutie (die nieuwe informatie vereist).7 Het weer aanschakelen van bestaande informatie (zelfs als dit heeft plaatsgevonden) verklaart niet waar deze instructies voor het aanmaken van vleugels dan in de eerste plaats vandaan kwamen.

 

Referenties en noten

  1. Mutaties zijn zeldzame genetische vergissingen die op kunnen treden wanneer cellen zich delen of DNA is beschadigd door iets schadelijks in de omgeving, zoals bijvoorbeeld straling of giftige chemicaliën.
  2. Dit principe werd het eerst geformuleerd door de Belgische bioloog Louis Dollo en wordt  ‘Dollo’s Law’ genoemd. Zie: Dollo’s Principle: Irreversability [sic] of evolution, in Milner, R. (Ed.), The encyclopedia of evolution, Facts on File, Oxford, p. 143, 1990.
  3. Whiting, M.F., Bradler, S. and Maxwell, T., Loss and recovery of wings in stick insects, Nature 421: 264–267, 2003.
  4. Ongeveer 60% van de levende soorten van wandelende takken zijn vleugelloos.
  5. Eén uitlegger citeert de hoofd auteur van het Nature artikel als volgt: “Ik herinner mij dat ik in het gezelschap van een aantal entomologen [insectkundigen] hen hoorde zeggen ‘onmogelijk, onmogelijk, onmogelijk’…'[maar] re-evolutie is schijnbaar meer gebruikelijk dan we dachten.”
    Zie Jones, N., Stick insect forces evolutionary rethink, www.newscientist.com/news/print.jsp?id=ns99993269, 16 January 2003.
  6. Omdat er geen selecties plaatsvinden die tegenstrijdig zijn met de mutaties in de genen (voor vleugels), dan zouden deze mutaties accumuleren in de genen zodat ze uiteindelijk volledig vervormd en verward zouden zijn. Niet meer in staat om te specificeren hoe een vleugel te maken. Met de aangenomen periodes van 100 miljoen jaar, zou dat onvermijdelijk zijn.
  7. AiG heeft dit meerdere malen aangetoond, zie bijvoorbeeld: Wieland, C., Kever miskleun, Creation 19(3):30, 1997; Wieland C., Muddy waters, Creation 23(3):26–29, 2001. Zie ook de fascinerende video: From a Frog to a Prince.